Stichting Museumreddingboot Terschelling
HeritageWaar de zee nam, gaven zij terug — de levende erfenis van Stichting Museumreddingboot Terschelling
Stel je voor: een oktoberwind die het zicht op nul brengt, golven die zich als muren opwerpen boven de Terschellinger Gronden. Ergens in dat kolkende water drijft een schip in nood. En vanuit de haven van West-Terschelling, waar de vuurtoren Brandaris al eeuwen waakt, varen mannen uit — niet weg van het gevaar, maar er recht naartoe. Dit is het verhaal van de reddingboten van Terschelling, en van de stichting die hun nalatenschap levend houdt.
Een naam geboren uit tragedie
De geschiedenis van de Terschellinger reddingvloot is onlosmakelijk verbonden met één datum: 23 oktober 1921. Die dag voer de motorreddingboot Brandaris — het eerste gemotoriseerde reddingvaartuig van het eiland — uit in een verwoestende noordwesterstorm om het Duitse driemastschoener Liesbeth bij te staan. De boot keerde nooit terug. Vier bemanningsleden — Steven Wiegman, Albert Tot, Ferdinand Kies en Rink Dijkstra — verloren het leven. Alleen het lichaam van Wiegman spoelde aan bij de dijk van Harlingen; van de andere drie mannen en van het schip zelf is nooit een spoor gevonden. Diezelfde dag kapseisde ook de reddingboot President van Heel uit Hoek van Holland — twaalf redders verloor de KNRM in totaal op die ene zwarte dag.
Uit die ramp groeide een onverwoestbare vastberadenheid. Dankzij een schenking van de stichting 'Hulp na Onderzoek' kon snel een nieuw vaartuig worden gebouwd. In 1923 was het klaar: opnieuw Brandaris gedoopt, als eerbetoon aan de gevallenen en de vuurtoren die al sinds 1594 de weg wijst.
1900
De Secretaris Schumacher wordt gebouwd op de Amsterdamse werf van Slof — een roeireddingboot van 8,50 meter die 43 jaar lang vanuit Ter Heijde mensenlevens zal redden.
1907
Scheepsbouwer Daan Goedkoop bouwt op werf 't Kromhout in Amsterdam de Jhr. J.W.H. Rutgers van Rozenburg — de allereerste motorreddingboot ter wereld.
1921
De eerste Brandaris vergaat met vier bemanningsleden in een oktoberstorm — een trauma dat het eiland voorgoed tekent en de aanzet geeft tot een nieuwe generatie reddingboten.
1923
De nieuwe Brandaris wordt in dienst gesteld — 's werelds eerste dubbelschroefs motorreddingboot, 18,35 meter lang, met twee Kromhout-gloeikopmotoren. Ze zal 37 jaar dienst doen.
1949
Tijdens een zware storm redt de Brandaris alle 26 bemanningsleden van het gebroken Poolse schip Katowice — een van de meest heroïsche reddingen uit haar lange staat van dienst.
1960
Na 525 geredde schipbreukelingen en meer dan 300 reddingsacties wordt de Brandaris uit dienst genomen — vervangen door de zelfrichtende Carlot.
2003
Journalist Jan Heuff ontdekt de verwaarloosde Rutgers van Rozenburg te koop — en richt een stichting op die het begin markeert van een ongekende reddingsoperatie: niet van mensen, maar van schepen.
2014
De Brandaris keert na meer dan een halve eeuw op eigen kracht terug naar de haven van West-Terschelling — thuis, eindelijk.
De Brandaris: een scheepsleven in drie aktes
Ontworpen door de legendarische scheepsbouwer Daan Goedkoop en gebouwd op de Amsterdamse werf van Kromhout, was de Brandaris van 1923 een technisch meesterwerk: 18,35 meter lang, 4,75 meter breed, uitgerust met twee Kromhout ééncilindergloeikop-motoren van elk 45 pk. Ze haalde 8,5 knopen — in die tijd indrukwekkend voor een reddingvaartuig. In 1949 werden de motoren vervangen door twee Glennifer zescilinders van 120 pk elk, waarmee de snelheid steeg naar 9,25 knopen.
In 37 jaar actieve dienst voer de Brandaris uit bij de ergste stormen die de Waddenzee te bieden had. Ze assisteerde in 1926 tweemaal het Poolse stoomschip Wisla op de Jacobsruggen, en redde in 1949 de voltallige bemanning van de Katowice in omstandigheden die moderne zeelieden doen huiveren. Meer dan vijfhonderd mensen danken hun leven aan dit schip.
Na haar uitdienstname in 1960 werd de Brandaris kort gestationeerd op Oostmahorn en in Scheveningen, om vervolgens in 1966 tot motorjacht te worden verbouwd door een particulier. Zij voer op de Middellandse Zee, ver van de Terschellinger Gronden die haar thuiswater waren. Maar het verhaal eindigde daar niet.
De redding van de reddingboten
Alles begon in 2003 toen Terschellinger journalist Jan Heuff de Jhr. J.W.H. Rutgers van Rozenburg te koop zag staan — de oudste motorreddingboot ter wereld, gebouwd in 1907, nauwelijks herkenbaar na decennia als plezierjacht. Heuff richtte de Stichting Behoud Oudste Motorreddingboot ter Wereld op. Met een restauratiebudget van €225.000, bijeengebracht door bedrijven, fondsen en subsidies, werd het scheepje binnen een jaar in originele staat hersteld. Er kwam een museumsteiger in de haven van West-Terschelling, waar de Rutgers een vaste ligplaats kreeg.
Maar Heuff en zijn vrijwilligers waren nog niet klaar. In 2005 ontdekte hij een zeilsloep die bij nader onderzoek een identiek zusterschip bleek van een roeireddingboot: de Secretaris Schumacher uit 1900, ooit gebouwd op de werf van Slof in Amsterdam en tot 1943 ingezet vanuit reddingstation Ter Heijde. De gladgebouwde romp — twee diagonale houtlagen met jute ertussen, slechts 8,50 meter lang — werd in 2006 ontdaan van alle latere verbouwingen en hersteld in originele staat.
In 2011 volgde de grootste vondst: de Brandaris zelf, aangekocht voor een symbolisch bedrag. In oktober van dat jaar arriveerde ze bij Scheepswerf Talsma in Franeker, waar een ingrijpende restauratie begon. In april 2013 was het werk klaar. Op 3 mei sleepte de motorreddingboot Suzanna de Brandaris de haven van West-Terschelling binnen. Een jaar later, in mei 2014, keerde ze op eigen kracht terug — met navigatieapparatuur geschonken door Boskalis en de originele Kromhout-motoren weer aan boord.
Op 7 mei 2018 werd de stichting formeel omgedoopt tot Stichting Museumreddingboot Terschelling, een naam die de inmiddels gegroeide vloot en missie beter weerspiegelde.
Levend erfgoed op het water
Wat de stichting uniek maakt, is dat haar collectie niet achter glas ligt. De drie schepen varen. De Brandaris neemt twaalf passagiers tegelijk mee op rondvaarttochten naar de Terschellinger Gronden — dezelfde wateren waar zij ooit schipbreukelingen uit de golven haalde. De Rutgers van Rozenburg, inmiddels 119 jaar oud, maakt zeehondentochten met haar open kuip, waar bezoekers voelen hoe kwetsbaar de redders van weleer waren. En de Secretaris Schumacher wordt meerdere keren per zomer op traditionele wijze te water gelaten: getrokken door tien Friese paarden over duin en strand, precies zoals reddingboten meer dan een eeuw geleden werden gelanceerd. Sinds 2023 staat deze paardenreddingsbootlancering op de Nederlandse lijst van immaterieel erfgoed.
De stichting is lid van de Nautische Vereniging Oude Reddings Glorie en draagt ANBI-status, waarmee donaties fiscaal aftrekbaar zijn. Alles draait op vrijwilligers — eilandbewoners die de traditie van hun voorouders koesteren.
De herinnering die niet vergaat
Op 23 oktober 2021, precies honderd jaar na de ramp, hielden de KNRM en de stichting gezamenlijk een herdenking bij het KNRM-reddingsboothuis. Een plaquette werd onthuld met de namen van alle Terschellinger redders die in dienst het leven lieten. Nabestaanden voeren mee op de Brandaris. Op zee verstomden de motoren, luidde de scheepsbel, en werden honderd witte anjers op het water gelegd — één voor elk verloren jaar.
Dat is misschien wel de kern van wat Stichting Museumreddingboot Terschelling doet: zij zorgt dat we niet vergeten. Niet de stormen, niet de moed, niet de namen. Steven Wiegman, Albert Tot, Ferdinand Kies, Rink Dijkstra — zij varen nog steeds mee, elke keer dat de Brandaris de haven uitvaart.
Bezoek en beleef
De museumsteiger in de haven van West-Terschelling is vrij toegankelijk. Rondvaarttochten met de Brandaris (anderhalf tot twee uur) en zeehondentochten met de Rutgers van Rozenburg zijn te boeken via de VVV Terschelling. De demonstraties met de paardenreddingboot Secretaris Schumacher vinden meerdere keren per zomer plaats. Meer informatie is te vinden op museumreddingboot-terschelling.nl.
Dit artikel kwam mede tot stand doordat oude foto's en opnames opdoken toen iemand persoonlijke herinneringen liet digitaliseren. Het deed ons afvragen hoeveel er nog verborgen ligt — op zolders, in schoenendozen, achter in kasten — dat verbonden is met de rijke geschiedenis van Stichting Museumreddingboot Terschelling en het Terschellinger reddingwezen. Wie oud beeldmateriaal bezit dat verband houdt met deze organisatie, kan bij diensten als EachMoment terecht om het te laten bewaren voor toekomstige generaties.