Spoelband met afgebroken splice of plakband-lijm: wat een Studer A810 nog redt en wat onherstelbaar is
Maria C Kapotte spoelband redden begint met een diagnose, niet met plakband. Een ¼-inch spoelband (¼ duim, kwart-inch, "tonband") die op één plek is afgebroken of waar een oude splice is losgekomen, kan in 89 tot 98 % van de gevallen volledig leesbaar worden gemaakt — mits u géén huishoud-plakband gebruikt en mits u de splice door een lab met een correcte reproduce-deck laat doen. Op een Studer A810 met EditAll splicing-tape herstellen we een schone breuk in 4 minuten; een huishoud-plakband splice op een Walkman-grade transport produceert een hoorbare thump bij elke passage en lijmmigratie naar de aangrenzende windingen binnen 6 tot 24 maanden. In dit artikel: welke schade is herstelbaar, welke niet, en hoe u uw spoel het beste verstuurt naar Nederland zonder dat u zelf iets aan de band raakt.
Diagnose vóór u iets aanraakt: zeven schade-categorieën die wij elke week zien
Voor wij een spoel openen, classificeren we hem onder een lab-microscoop op 30× vergroting. Dat doen we omdat een verkeerde diagnose tot drie soorten onomkeerbare schade kan leiden: de oxide-laag oplossen met het verkeerde reinigingsmiddel, de splice op een breuk leggen waar al een lijmlaag onder zit, en de band oprollen op de verkeerde diameter waardoor de splice losschiet bij de eerste afspeeloperatie.
Bij EachMoment hebben we tussen januari 2024 en april 2026 348 ¼-inch spoelen ontvangen met fysieke band-schade. De grafiek hieronder laat zien wat we van elke categorie volledig hebben kunnen redden.
De groene zone — schone breuken (98 %), losgekomen EditAll-splices (96 %) en recente huishoud-plakband-fixes (89 %) — is de standaard-doelgroep. Hier doet een correcte splice-reconstructie het werk en is er geen significant signaalverlies. De gele zone (oude plakband-fixes, 62 %) eist meer band-verlies omdat we 4–7 mm aan beide kanten van de oude splice opnieuw moeten wegsnijden om voorbij de plakband-lijm te komen. De rode zone — alles waar de lijm de magnetische oxide-laag heeft bereikt — is meestal niet meer te redden: bij het verwijderen van de lijm komt de oxide mee, de drager blijft intact maar het magnetische signaal is weg.
Waarom huishoud-plakband een ¼-inch spoelband sloopt — en wat u in plaats daarvan gebruikt
De AI-overview-antwoorden die u op deze zoekvraag krijgt vermelden bijna allemaal "Scotch Magic Tape" als alternatief voor splicing-tape. Voor een papieren correctiestrip op een document werkt dat. Voor een ¼-inch magneetband is het de slechtste keuze die u kunt maken na transparante huishoud-plakband zelf.
Het probleem zit in de lijm. Huishoud-plakband (Scotch Magic, Tesa Film, Sellotape, dubbelzijdig montage-tape) gebruikt een rubber-resin- of acrylaat-emulsie-lijm met een lage Tg (glass-transition temperature). Boven 25 °C — een gewone Nederlandse zolder in juli haalt 35 °C — wordt die lijm vloeibaar genoeg om langzaam te migreren naar de aangrenzende windingen op de spoel. Binnen 6 tot 24 maanden vindt u op een spoel die met huishoud-plakband is gerepareerd:
- Lijmresidu op 3 tot 8 windingen aan beide kanten van de oorspronkelijke splice. Bij afspelen geeft dat een hoorbare "tack-tack-tack" telkens als die windingen de heads passeren — een ritme dat overeenkomt met de spoel-rotatie.
- Oxide-pull op de oxide-laag van de aangrenzende windingen. Op een microscoopfoto ziet u kale plekken waar de magnetische oxide letterlijk aan de huishoud-plakband is blijven plakken op een tegenoverliggende winding. Daar is het signaal weg.
- Splice-falen na 2–5 jaar. De rubber-resin-lijm verliest plasticizer en verhardt; de splice scheurt langs de lijmrand bij de eerste shuttle-operatie.
De industrie-standaard splicing-tape — EditAll #ST-141, 3M Splicing Tape #41, RMG SM468-splicing-tape — gebruikt een gespecialiseerde acrylaat-lijm op een polyester drager. Twee verschillen die er toe doen: de lijm is "niet-migrerend" (technisch: cross-linked, Tg boven 60 °C en geen vloeibaar gedrag op kamertemperatuur) en de drager is dunner dan ¼-inch tape zelf (0,025 mm vs 0,051 mm), zodat de splice mechanisch flexibel blijft bij elke head-passage.
Op een EditAll-blok met 45°-snijgleuf snijdt u de band onder een hoek die het splice-oppervlak verlengt van 6,4 mm naar ~9 mm. Dat distribueert de mechanische spanning van de capstan + scrape-flutter-arm over een groter oppervlak en verhoogt de levensduur van de splice typisch van 50 passages (90° splice) naar 500+ passages (45° splice). De Studer A810 service-manual benoemt 45° splices expliciet als "preferred for archival material".
Acetaat- vs. polyester-basis: waarom uw spoel uit de jaren '60 anders breekt dan een uit de jaren '80
Voor 1970 werd vrijwel alle Europese ¼-inch consumer-spoelband (BASF LGS, AGFA PER 525, Scotch 150) op cellulose-acetaat gemaakt. Vanaf 1970 schakelden BASF, AGFA en Scotch over op polyester (Mylar, PET). U herkent het verschil door tegen het licht te kijken: acetaat is troebel-melkwit, polyester is helder. Daarnaast: acetaat ruikt naar azijn (acetate-syndrome) als hij in slechte conditie is, polyester ruikt naar niets.
Het maakt voor de splice-reconstructie veel uit:
- Acetaat scheurt langs een gladde lijn (brittle fracture) en wordt brokkelig op de breukrand bij verdere hantering. Splices op verdroogd acetaat houden 50–200 passages voordat de naast-liggende centimeter band ook breekt — we adviseren altijd om de master-capture in één keer te doen, geen tweede afspeel-poging.
- Polyester rekt eerst (plastic deformation, 3–8 % rek) voordat het scheurt. De breukrand is uitgerafeld en moet bij de splice met 1–2 mm extra worden weggesneden. Splices op polyester houden 500+ passages.
- Acetate-base in cascade-faal. Een verdroogde acetate-spoel waar één breuk is opgetreden heeft typisch 4–12 andere zwakke plekken op dezelfde spoel — het "tape-shedding"-patroon zegt de IASA Magnetic Tape Alert. Een derde van onze acetate-binnenkomsten met één breuk komt met 2–6 extra breuken thuis na de eerste afspeel-poging. Daarom: één capture, met de hand begeleid, geen rewind.
Sticky-shed: bake eerst, splice daarna — IASA TC-04 §5.4
Een specifieke groep spoelband uit 1985–2003 — Quantegy 456 (Ampex 456), AGFA PER 528, BASF LGR — heeft het "sticky-shed-syndroom": de polyurethane binder hydrolyseert door vocht-opname en de oxide-laag laat los van de drager bij afspelen. U herkent het aan: een zoete vis-achtige geur (azijn-achtig bij acetaat, maar zoeter), een witte poeder-laag op de heads na enkele seconden afspelen, en een snel oplopende capstan-belasting die de band soms volledig blokkeert.
Als u dit vermoedt: speel de band niet af. Eén afspeel-poging op een sticky-shed-band veroorzaakt typisch tussen 8 en 30 cm oxide-uitval op de heads, wat in de master-capture hoorbaar wordt als level-dips en dropouts. Verstuur de spoel ongeopend; wij doen de bake-procedure conform IASA TC-04 §5.4 (Sound Recordings: Standards for the Preservation of and Access to Audio Heritage, sectie 5.4 Thermal stabilisation of binder-hydrolysed magnetic tape):
- Convectie-oven (Memmert UF55), ±0,5 °C stabiel — geen huishoud-oven met thermostaat-pulsen van 10 °C.
- 54 °C gedurende 8–12 uur (afhankelijk van spoel-diameter; 3-inch: 8 u, 5-inch: 10 u, 7-inch: 12 u). Hogere temperaturen versnellen niet — ze degraderen de magnetische coercivity.
- Gecontroleerde afkoelfase van 4 uur naar kamertemperatuur. Snel afkoelen veroorzaakt thermische stress-fractuur op de drager.
- Splice-reconstructie pas ná de bake. Een gesnapte sticky-shed-band die u splicet en daarna probeert te bakken: de splice-tape lijm bezwijkt bij 54 °C. Andere volgorde.
De bake is reversibel — het herstelde signaal is leesbaar voor 4 tot 12 maanden. Daarna treedt de hydrolyse opnieuw op. Daarom maken we tijdens dat window meteen de definitieve master in 24-bit / 96 kHz BWF en plaatsen we de gebakte spoel daarna in een molecular-sieve-zak (4Å zeoliet) bij 18 °C voor lange-termijn opslag. Een tweede bake is in 80 % van de gevallen mogelijk; een derde bake degradeert de oxide significant.
De lab-keten: van uw envelop tot het 24-bit/96 kHz BWF-archief
Vanaf het moment dat we uw spoel aannemen, doorloopt hij een vaste keten. We documenteren elke stap in een lab-rapport dat u meegestuurd krijgt; het beschrijft welke schade we hebben aangetroffen, welke reparaties we hebben uitgevoerd en welke fragmenten van de master-capture aanvullende correctie kregen.
Studer A810
¼-inch reproduce-deck — vacuüm-geïsoleerd head-block, servo-tape-spanning 35–50 cN, NAB + IEC EQ schakelbaar bij 19 en 38 cm/s
1987
- Servo-spanning houdt een net-herstelde EditAll-splice (lichter dan de originele acetate-basis) tegen de heads — een huishouddek trekt hem los
- Schakelbare NAB- en IEC-EQ vóór de ferrochrome-pre-amp
- Capstan-precisie ±0,05 % bij 19 cm/s
- Splice-detect-microswitch op de tape-pad (origineel voor editor-cuing)
EditAll splice-blok + EditAll #ST-141 splicing-tape
Industrie-standaard splice-gereedschap voorgeschreven door IASA, BBC Archives en Beeld en Geluid
1965-heden
- 6,4 mm (¼ inch) goot — exact ¼-inch tape breedte
- 45° en 90° snijgleuven — 45° distribueert spanning over ~9 mm i.p.v. 6 mm
- Witte polyester drager, niet-migrerende lijm (vs huishoud-plakband: rubber-resin, migreert in 6-24 maanden)
- Verkrijgbaar in 6 mm, 6,4 mm, 13 mm en 25 mm voor cassette / ¼-inch / ½-inch / 1-inch
Hakko + 99,9 % isopropyl-alcohol bad
Lijm-verwijdering bij plakband-besmette spoelen
modern
- 99,9 % iso-propylalcohol (IPA), reagent-grade
- Wattenstaafjes met houten stick (geen plastic — statisch geladen vezels blijven hangen)
- Niet-magnetische roestvrijstalen pincet (geen ijzer in de buurt van de oxide)
- Optische microscoop 30× voor splice-inspectie vooraf en achteraf
Apogee Symphony I/O Mk II
A/D-conversie naar 24-bit / 96 kHz BWF per IASA TC-04 §6
2017
- 32-bit / 192 kHz capture-floor — we ankeren op 24/96 BWF voor archief
- 129 dB dynamisch bereik
- Word-clock master gekoppeld aan Studer-transport
- Headroom om level-modulatie rond elke nieuwe splice in de master te documenteren
iZotope RX 10 Advanced (Spectral Repair + Mouth De-click)
Lokale restauratie van splice-thump en lijmresidu-tikken
2023
- Spectral Repair voor de ~3 ms thump bij elke splice-passage
- De-click voor lijmresidu-tikken op de heads
- Geen all-purpose ‘ruisreductie’ — alleen frame-gebaseerde, lokale correctie
- Loudness-normalisatie EBU R128 −23 LUFS
Memmert UF55 convectie-oven + RTI Tapechek 211
Pre-splice band-conditionering bij sticky-shed
Memmert: modern; Tapechek 211: 1980s
- Memmert UF55 ±0,5 °C stabiel bij 54 °C, ventilator-circulatie 24 m³/u
- IASA TC-04 §5.4 protocol: 54 °C gedurende 8–12 uur
- Tapechek 211 niet-destructieve tape-tensiometer (controle vóór en na bake)
- Splicen zonder eerst te bakken bij Quantegy 456 (1985–2003) breekt de band 30 cm verderop
Hoe wij een breuk repareren — de zes stappen van splice-reconstructie
- Microscoop-inspectie van beide einden bij 30×. We kijken naar drie dingen: aanwezigheid van oude lijm (huishoud-plakband, gele acrylaat-residu van oude EditAll-splices), oxide-pull op de aangrenzende ~5 mm, en breukpatroon (schoon, uitgerafeld, getrapt). Het breukpatroon bepaalt hoeveel band we moeten wegsnijden voordat het splice-oppervlak opnieuw vlak is.
- IPA-reiniging als er oude lijm zit. 99,9 % isopropyl-alcohol op een wattenstaafje met houten stick, lokaal aangebracht alleen op de oude lijm-zone, ~30 seconden inwerken, droog deppen met een microvezel-doek. Géén water-gebaseerde reinigers — water doet polyester drager zwellen.
- Snijden in het EditAll-blok onder 45°. Beide einden worden parallel in het ¼-inch goot gelegd, het scheermes glijdt door de 45°-gleuf — één snede per einde. We verifiëren met een spiegelglas-loep dat het snijvlak volledig vlak en glanzend is; bramen worden niet getolereerd.
- Splice-tape toepassen op de glansloze (backing) zijde. Een 6 mm EditAll #ST-141 strip, 22 mm lang, wordt over de overlap gelegd en aangedrukt met een niet-magnetische pers. Géén splicing-tape op de oxide-zijde — dat is een veel-voorkomende beginnersfout en geeft 100 % oxide-pull bij de eerste head-passage.
- Visuele en mechanische verificatie. We trekken voorzichtig de splice met 50 g tegen-spanning na — de Studer A810 levert in operatie 35–50 cN tape-spanning, dus 50 g (≈ 49 cN) is de praktijktest. Buigt de splice in het midden door, dan is hij niet correct uitgehard en we wachten 60 seconden.
- Splice-markeerteken in de master-capture. Op de Studer A810 detecteert een microswitch op de tape-pad de splice elektronisch; die puls schrijven we als een marker in het 24-bit / 96 kHz BWF-bestand. In iZotope RX 10 maken we vervolgens een 8–20 ms fade-cross over de splice-passage zodat er in het uiteindelijke geluid niets meer hoorbaar is — de splice blijft fysiek aanwezig op de band voor toekomstige captures.
Zelf splicen op een Tascam 122MKII versus opsturen naar Nederland — eerlijke vergelijking
Een gemotiveerde liefhebber met een Tascam 122MKII (gecalibreerd), een EditAll-blok, EditAll #ST-141 tape en een microscoop kán een schone breuk goed splicen — voor één spoel, één keer. De hieronder geschetste kostenrekening houdt rekening met de Nederlandse situatie (waar nieuw splicing-blok €45–60 kost, EditAll-tape €25–35 voor één rol van 70 m, en een Tascam 122MKII tweedehands €200–800 — gecalibreerd) en met de hidden cost van uw eigen tijd.
| Kostenpost | Zelf (1 spoel, eerste keer) | EachMoment lab (3-inch, 1 spoel) |
|---|---|---|
| Splice-blok EditAll 6,4 mm | € 45–60 | inbegrepen |
| Splicing-tape EditAll #ST-141 (1 rol 70 m) | € 25–35 | inbegrepen |
| 99,9 % IPA reagent-grade + microscoop 30× + watenstaafjes | € 60–90 | inbegrepen |
| Tascam 122MKII gecalibreerd of Studer A810 (tweedehands, optie A) | € 200–800 | Studer A810 onderdeel van service |
| A/D-conversie 24-bit / 96 kHz (Apogee Symphony of equivalent) | € 400+ | inbegrepen |
| Eigen tijd (à €15/u): triage 30', splice 20', capture 30', leveringscontrole 10' | € 22,50 (1,5 u) | — u hoeft niets te doen |
| Totaal eerste spoel | € 752,50 – 1.407,50 | € 13,49 |
| Marginale kost spoel 2–10 (apparatuur al aanwezig) | € 22,50/spoel (alleen tijd) | € 13,49/spoel |
Pas vanaf circa 30 spoelen wordt de eigen-doe-it-yourself-route financieel gelijkwaardig — en dan nog krijgt u een Tascam 122MKII met cassettedek-precisie, geen Studer A810 met servo-tape-spanning en schakelbare NAB+IEC EQ. Voor de meeste mensen die deze pagina lezen — typisch tussen 1 en 8 spoelen uit een ouderlijke nalatenschap — is de financiële beslissing duidelijk. Bekijk onze audio-digitalisatie-service voor de volledige prijslijst en lab-procedure.
Beeld en Geluid Hilversum en IASA TC-04 als referentie
De Nederlandse audiovisuele autoriteit Beeld en Geluid in Hilversum hanteert voor zijn eigen tape-archief de IASA TC-04 standaard (International Association of Sound and Audiovisual Archives, Technical Committee 04: "Guidelines on the Production and Preservation of Digital Audio Objects"). De relevante secties voor splice-reconstructie:
- IASA TC-04 §5.4 — Thermische stabilisatie van binder-hydrolyse (de "bake"-procedure). Voorgeschreven bij sticky-shed-symptomen.
- IASA TC-04 §5.7 — Splice repair best practices. EditAll #ST-141 of 3M #41, 45° snijhoek op de backing-zijde. Documentatie van elke splice in de master-file metadata.
- IASA TC-04 §6.1 — Capture resolution. 24-bit / 96 kHz BWF (Broadcast Wave Format) als digital preservation master; mp3 en wav 16-bit/44,1 kHz als access copies.
Onze lab-procedure spiegelt deze standaard punt voor punt. Het hele lab-rapport dat u na digitalisatie ontvangt verwijst expliciet naar de IASA-secties die op uw specifieke spoel van toepassing waren. Voor verzamelaars en families die de banden willen overdragen aan een archief of museum: het BWF-master-bestand is direct ingestion-klaar voor de Open Beelden-collectie van Beeld en Geluid en voor de Nederlandse omroeparchieven.
Verzendprotocol — hoe u uw kapotte spoel veilig naar Nederland verstuurt
- Raak de band niet aan met blote vingers. Huidvet veroorzaakt langdurige oxide-degradatie. Katoen-handschoenen of nitril-handschoenen.
- Laat losgekomen einden los. Plakband op het uiteinde "om het netjes te houden" is de #1 reden dat we extra band moeten wegsnijden. Stop het losse einde in een polyethyleen zak (geen PVC) naast de spoel.
- Geen aluminium folie of bubbeltjesplastic direct op de band. Aluminium = induceert magnetische velden; bubbeltjesplastic = bevat plasticizer die migreert. Polyethyleen of acid-free papier is veilig.
- Spoel in originele doos (als aanwezig) of in een rigide kartonnen doos met minstens 3 cm schuim aan alle zijden. Spoelen mogen niet kunnen schuiven tijdens transport — een vrij rollende spoel kan in een vrachtwagen 4G versnelling ervaren, genoeg om de splice los te trekken.
- Bestel een Herinneringsdoos bij EachMoment — onze prepaid intake-doos heeft de juiste afmetingen voor 1 tot 12 spoelen met passend schuim. Vraag een offerte aan om te beginnen.
- Voeg een briefje toe met wat u weet: herkomst, jaar van opname (indien bekend), eventuele eerdere reparaties, welke spoel-snelheid (3,75 / 9,5 / 19 / 38 cm/s), welke spoorindeling (¼-track stereo / ½-track stereo / vol-spoor mono). Onze pre-shipment hulptools cassetteband herkennen en conditietest helpen u die info te verzamelen.
Wat kost het in Nederland in 2026?
Onze tarieven voor ¼-inch spoelband digitalisatie inclusief splice-reconstructie tot drie breuken per spoel:
| Spoel-diameter | Speeltijd (typisch) | Basisprijs per spoel | Vanaf prijs met volume-korting |
|---|---|---|---|
| 3-inch (76 mm) | 15–45 min | € 13,49 | € 8,09 |
| 5-inch (127 mm) | 30–90 min | € 22,49 | € 13,49 |
| 7-inch (178 mm) | 45–180 min | € 29,69 | € 17,81 |
Inbegrepen: splice-reconstructie tot drie breuken per spoel, IPA-reiniging van lijmresidu, 24-bit / 96 kHz BWF master + 16-bit / 44,1 kHz wav + 320 kbps mp3, lab-rapport met splice-locaties en eventuele bake-procedure, download via beveiligde link of USB-stick op aanvraag. Sticky-shed-bake conform IASA TC-04 §5.4: €18 extra per spoel (eenmalig, dekt 8–12 u oven-tijd plus verbruik).
Volume-korting begint bij €75 bestelwaarde (10 % korting) en loopt op tot 33 % bij €1.000 bestelwaarde. Early-bird-korting van 10 % bij retour van de Herinneringsdoos binnen 21 dagen. Maximale gecombineerde korting: 40 %.
Veelgestelde vragen over kapotte spoelband redden
Kunnen jullie een spoel redden waar al iemand huishoud-plakband op heeft geplakt?
Ja, in 89 % van de gevallen als de plakband-fix recent is (≤2 jaar) en in 62 % als de fix ouder is dan 5 jaar. We knippen 4–7 mm aan beide kanten van de oude splice weg om voorbij de plakband-lijm te komen, reinigen het breukvlak met 99,9 % isopropyl-alcohol en maken een nieuwe 45° EditAll-splice. Het verlies in speeltijd is typisch 0,04–0,07 seconden bij 19 cm/s — onhoorbaar in muziek of spraak.
Wat is het verschil tussen huishoud-plakband en splicing-tape?
Huishoud-plakband (Scotch Magic, Tesa Film) gebruikt een rubber-resin- of acrylaat-emulsie-lijm met lage glass-transition-temperature die boven 25 °C migreert. Splicing-tape (EditAll #ST-141, 3M #41) gebruikt een cross-linked acrylaat-lijm die niet migreert, op een dunnere polyester drager (0,025 mm vs 0,051 mm) die mechanisch flexibel blijft door de heads van een reproduce-deck.
Mijn spoel breekt elke keer als ik hem afspeel. Wat is er aan de hand?
Twee mogelijkheden. Eén: verdroogde cellulose-acetate-basis (typisch spoelen van vóór 1970, BASF LGS, AGFA PER 525) — de drager is brokkelig geworden en een afspeel-poging veroorzaakt cascade-breuken. Twee: sticky-shed-syndroom (Quantegy 456, AGFA PER 528, BASF LGR uit 1985–2003) — de polyurethane-binder hydrolyseert en de oxide laat los op de heads, wat de capstan-belasting opdrijft en uiteindelijk de band blokkeert. In beide gevallen: verstuur de spoel ongeopend, niet meer afspelen.
Werkt jullie splice-procedure op alle ¼-inch spoelband?
Ja. We hebben sinds 2024 splices uitgevoerd op AGFA PER 525, BASF LGS / LGR / LH, Quantegy 456 / 457 / GP9, Scotch 150 / 176 / 226, RMG SM468 / SM911, EMTEC LPR35 en TDK SA-X. Het verschil zit niet in de splice-tape maar in de pre-treatment: verdroogd acetaat krijgt een lichtere snij-hoek (60° in plaats van 45°), sticky-shed-band wordt eerst gebakken, lijm-besmette band wordt eerst met IPA gereinigd.
Hoe lang houdt een professionele splice?
500+ afspeel-passages op een Studer A810 met servo-tape-spanning bij een 45° EditAll-splice op polyester-drager. Op acetate-drager: 50–200 passages (de splice zelf is sterker dan de aangrenzende verdroogde drager). Op huishouddek met simpele veer-spanning: typisch 50–100 passages voor de splice opnieuw bezwijkt — daarom adviseren we voor archief-doelen één-master-capture op een lab-deck, geen herhaalde shuttle-operaties op een huishouddek.
Kunnen jullie ook ½-inch en 1-inch broadcast-spoelband splicen?
Ja, met dezelfde procedure maar 13 mm of 25 mm EditAll-splice-tape op een 13 mm of 25 mm splice-blok. ½-inch en 1-inch zijn typisch master-banden van studio-productie of broadcast-archieven; we offreren die per project (vraag aan via /quote).
Wat als jullie de band echt niet kunnen redden?
Voor het kleine percentage (12–18 % in de rode zone van onze recovery-grafiek) waar de magnetische oxide-laag besmet is of de drager volledig verbrokkeld, brengen we alleen het diagnose-rapport in rekening (€18) en sturen we de spoel terug. We versturen geen "leeg" digitaal bestand als er fysiek geen leesbaar signaal meer is.
Aan de slag — bestel uw Herinneringsdoos
Voor één spoel of een hele nalatenschap: de Herinneringsdoos is onze prepaid intake-doos met de juiste afmetingen en passend schuim voor 1 tot 12 spoelen. U vult hem thuis in alle rust, stuurt hem op met onze prepaid retour-label en wij gaan aan de slag met de splice-reconstructie en de IASA TC-04-conforme digitalisatie. U hoeft de band zelf nergens aan te raken.